


GELEIDEHONDEN VOOR BLINDEN
door Marlon
Hansen
Ik ga
mijn spreekbeurt doen over KNGFdat
betekent Koninklijk Nederland
Geleide Honden Fonds. Het KNGF is opgericht in 1935,hier worden
honden speciaal opgeleid om hun blinde baas veilig door het verkeer en langs
ieder hobbeltje te leiden.
Een
blinde ziet niet:
Mensen die blind zijn kunnen niet zien, dat weet iedereen. Blinden leren beter naar geluiden te luisteren dan mensen die wel kunnen zien. Je moet maar eens proberen met je ogen dicht te horen wie er loopt, hoest of praat. Kinderen die niet kunnen zien kunnen naar een speciale school voor blinde en slechtziende kinderen. Die kinderen leren daar om zo veel mogelijk zelf te doen. Zichzelf netjes aankleden, een beker melk inschenken zonder te morsen. Of alleen een boodschap doen. Maar ook leren ze echte schoolvakken, zoals taal, rekenen en geschiedenis. Sommige mensen gebruiken een blinde stok, ze tikken met de stok op de grond. Zo kunnen ze merken wanneer de weg een bocht maakt, zo voelen ze ook waar de stoeprand is of als er een vuilnis bak staat. Bij elke stap die ze zetten moeten ze voelen en luisteren, daar worden ze heel moe van. Meestal moet er ook iemand met ze mee, er is niet altijd tijd voor en moeten ze wachten tot diegene tijd heeft. De meeste blinden willen daarom graag een hond die hen geleidt, zo’n hond noem je een geleidehond. De hond leidt een blinde en zorgt dat deze nergens tegenaan loopt.

Een
speciale hond:
Er worden drie hondenrassen gebruikt voor het opleiden van blindengeleidehonden: Labrador Retriever, Duitse Herder en Golden Retrievers.
Je
kunt een geleidehond niet even gaan halen bij een dierenwinkel of bij een
dierenasiel. Zo’n hond kun je alleen maar vragen bij het KNGF.
De
honden waar mee gewerkt wordt leren snel en zijn gehoorzaam. Ze doen hun baas
graag een plezier.dat is precies wat een blinde nodig heeft. Het K.N.G.F. kiest lieve, gezonde honden
uit om mee te fokken. Fokken
is: zorgen dat er gezonde, jonge dieren geboren worden. Er zijn mannetjes-en
vrouwtjeshonden. We noemen ze reuen en teven. Als er een teef en een reu samen
paren,kan er een nest puppy’s
geboren worden. Puppy ’s zijn jonge hondjes. Ze lijken vaak op hun ouders niet
alleen de buitenkant lijkt hetzelfde. Maar ze hebben ook vaak de zelfde
eigenschappen.Zoals :betrouwbaar
zijn, graag willen helpen, niet vlug
bang zijn. De
fokhonden wonen in een gewoon huis bij een gezin. Daar worden ook de puppy’s
geboren. Elke pup krijgt een naam. Die naam moet kort en duidelijk uit te
spreken zijn. Alle pups die in een zelfde nest geboren worden krijgen een naam
die met dezelfde letter begint. De mensen die bij het het K.N.G.F.werken
zorgen hiervoor. Zij bedenken hondennamen. Wie een leuke naam weet schrijft hem
op een groot bord. Zo
kunnen ze altijd uit een leuke naam kiezen. De pasgeboren pups blijven bij hun
moeder tot ze zeven weken oud zijn. Dan gaan de puppies naar een
pleeggezin.
Een pleeggezin is een gewoon gezin. Er zijn
ouders, kinderen en huisdieren.
De mensen in dat gezin zorgen een tijd voor een pup. Ze krijgen daarvoor
niets betaald. Zo helpen ze het geleidehondenfonds. In Nederland zijn ongeveer
zeventig puppypleeggezinnen. Een hond moet eerst dingen leren die elke hond moet
leren. Gehoorzaam zijn en zich goed gedragen. En natuurlijk alleen maar poepen
en plassen waar de baas je uit laat. Dus niet in huis. Ook moeten de honden
vriendelijk zijn voor de mensen. Ze mogen later niet meer schrikken van
gillenden kinderen. En ook niet van toeterende auto’s. Niet bang zijn voor
onweer of vliegtuigen. Hij wordt beloond als hij iets goeds doet, de baas
beloond hem met te zeggen goed zo en geeft hem een brokje, elke keer maar weer.
Totdat hij van zelf de goede dingen doet. Vaak belonen helpt beter dan straffen.
De hond gaat overal mee naar toe. Met de auto, de bus of de trein mee.
Boodschappen doen, naar het park of de kinderboerderij. Of mee naar de kermis.
De mensen van het geleidehondenfonds komen regelmatig langs. Ze willen zien hoe
het met de hond gaat. Ze vertellen ook precies wat de hond het best kan eten.het
moet een gezonde, sterke hond worden. De mensen van het pleeggezin schrijven op
hoe het met de gezondheid van de hond gaat, en wat hij weer bij geleerd heeft.
Bij het K.N.G.F.willen ze dat precies weten. Natuurlijk houden de mensen van het
pleeggezin heel veel van de hond. Ze hebben er een jaar lang plezier mee. Lekker
stoeien en ravotten hoort daar ook bij. Maar….ze zijn en blijven een pleeggezin.
Als de hond ongeveer veertien maanden oud is, gaat hij naar de school voor
geleidehonden. De mensen van het puppy-pleeggezin moeten dan afscheid nemen. En
dat valt niet mee.
Goedgekeurd:
De hond gaat naar de school voor blindengeleidehonden in
Amstelveen. Eerst moet de nog naar de dierenarts die bij deze school werkt. Hij
bekijkt de hond heel erg goed. Hij onderzoekt of de ogen van de hond goed zijn.
Ook maakt hij foto’s waarop je de botten van de hond kunt zien. Zo kan hij zien
of de heupen van de hond goed zijn. De hond moet later veel lopen met zijn baas.
Dan moeten zijn heupen en poten natuurlijk in orde zijn. Ook wordt bekeken of de
hond goed luistert. Als alles in orde is, kan hij gaan leren voor geleidehond.
Bij de school hebben de honden een binnen en buitenkooi. Ze zitten met zijn
tweetjes in één kooi. Dat is gezelliger voor de dieren. Elke dag gaan ze oefenen
met een instructeur. Een
instructeur is iemand die de hond alles leert. Allereerst leert de hond dat hij
een tuig aankrijgt. Het tuig is gemaakt van leer. Het gaat onder de buik van de
hond door. Aan dat tuig zit een beugel vast. Een beugel is een
soort handvat. Je kunt aan de beugel voelen wat de hond doet. Als de hond het
tuig met de beugel aan heeft, is hij aan het werk. Als de beugel uit gaat, is de
hond weer een gewone hond. Stoeien, rennen en dollen hoort er ook elke dag bij.
Het leren gaat op een leuke manier. De instructeur roept heel vaak: brave hond,
goed gedaan!!!! Of hij geeft de hond een aai over zijn kop. Zo krijgt de hond er
echt plezier in.
Leren
op school:
Achter de school is een
verkeersplein. Er
komt alleen geen gewoon verkeer. Het is een oefenterrein. Speciaal aangelegd
voor de blindengeleidehondenschool. Op het plein zijn stoepen gemaakt. En er
staan bloembakken. Er zijn bruggetjes en bankjes. Een telefooncel, en een trap
over de weg heen. Ook lopen allerlei dieren: katten, kippen, eenden en schapen.
Hier begint de instructeur samen met de hond te oefenen. Eerst moet de hond
leren waar hij precies moet lopen. Dat is altijd links voor de baas. Oefenen
gebeurt in stapje voor stapje. Elke dag worden de oefeningen herhaald totdat de
hond weet hoe het moet. De eerste tijd duurt het oefenen maar kort: ongeveer een
kwartier. Maar de oefentijd wordt steeds wat langer. Net zo lang tot de hond wel
een paar uur achter elkaar kan werken. Dat moet hij later ook kunnen!!!!!
Al vlug gaan de instructeur en de hond op een andere plaats oefenen. In een
woonwijk, op de markt of in het winkelcentrum. De hond leert om bij iedere
stoeprand even te stoppen. Dat is voor een blinde een teken om op te letten. Zo
struikelt een blinde niet bij een stoeprand. Niet alleen kinderen moeten leren
om recht over te steken. Blindengeleidehonden leren dat ook. Maar de blinde
luistert zelf wanneer er overgestoken kan worden. De hond leert ook commando’s. Een commando is
bevel: doe dit of doe dat.
Zulke commando’s
zijn:
·
Vooraan
·
Links
·
Rechts
·
Zoek
de zebra
·
Zoek
plaats
Sommige
mensen denken dat een geleidehond Nederlands kan verstaan. Maar dat is niet zo.
De hond begrijpt bijvoorbeeld niet wat rechts is, maar hij weet wel wat hij moet
doen. De hond heeft geleerd: bij het commando rechts moet ik die kant op. De
instructeur leert de hond om een
hindernis heen te lopen. Hij moet dan een ruime bocht nemen. Er moet ongeveer
één meter ruimte zijn om te lopen. Dan kunnen de hond en zijn baas er
gemakkelijk langs. Niemand wil zijn hoofd stoten aan een zonnescherm, of tegen
een laaghangende tak lopen. De hond leert om daarop te letten. De instructeur
wijst ernaar en zegt: Let op!!!!! Samen lopen ze eromheen. Na enkele dagen weet
de hond dat hij er omheen moet lopen. Ook leert de hond commando’s te weigeren. Hij mag zijn baas
nooit in gevaar brengen. Een voorbeeld de instructeur zegt bij een opgebroken
stoep dat de hond gewoon door moet lopen de hond weigert, wat de instructeur wil
is niet veilig. Wat nu?? De instructeur geeft nu andere commando’s, b.v zoek het
links. Later moet de blinde er op kunnen vertrouwen dat de hond hem altijd op
een veilige manier leidt.
Leren
in de stad:
De hond heeft al vele
commando ’s geleerd en maakt bijna geen fouten meer. Elke
dag gaat de instructeur met de hond op stap, telkens worden nog weer nieuwe
dingen geleerd b.v om precies voor een deur te stoppen. De hond heft zijn kop
naar de deurknop de blinde weet dan
precies waar de deurknop zit, dat voelt hij aan de beugel. Ook bij het commando
zoek leert de hond een lege plaats te zoeken in b.v de bus of trein.
Daarna gaan ze oefenen in het centrum van Amsterdam, daar is het druk er is veel
verkeer, de hond moet ook daar zijn werk goed doen. Hij heeft geleerd een tuig
om betekent werken voor mijn baas,de hond laat zich niet afleiden. Als het tuig
af is is het tijd om te spelen met andere honden. Na ongeveer een half jaar
oefenen krijgt de hond een blinde baas. Elk jaar komen er ongeveer vijftig
blindengeleidehonden bij.
Welke baas??
Als je
een geleidehond aanvraagt moet je volwassen zijn, anders krijg je
er geen. Dat komt omdat de baas één baas moet hebben. Eén baas naar wie hij moet
luisteren. Een blinde die niet goed kan lopen, kan ook geen hond krijgen, omdat
ze dan de hond geen vier keer per dag uit kan laten. En natuurlijk moet je niet
echt bang zijn voor honden. Ook moet de blinde zelf de weg goed kennen, om zijn
hond te kunnen sturen. Als een blinde een honden- aanvraag stuurt naar de
blindengeleideschool, komen de mensen van de school eerst praten. Ze willen
precies weten waar ze de hond voor gaan gebruiken.
Een
geleidehond lenen:
Geleidehonden zijn erg duur. Dat komt omdat het rashonden zijn. Het fokken kost geld. Want de reu en de teef moeten gezond en sterk zijn. Goed voer is duur en ook de dierenarts is niet goedkoop. En de honden moeten een lange tijd leren voordat ze kunnen gaan werken. De instructeur verdient geld met zijn beroep. Dat alles bij elkaar maakt een hond erg duur. Gelukkig hoeven de blinden de hond niet zelf te betalen. Ze mogen de blindengeleidehond lenen. Pas als de hond zijn werk niet meer kan doen, gaat hij weg Dit gebeurt bv. als de hond te oud is geworden. Het K.N.G.F. heeft daarvoor een contract gemaakt. Een contract is een overeenkomst, een soort afspraak. Er staat in dat de blinde een geleidehond kan lenen. Maar dan moet hij de hond goed verzorgen. Als hij zijn handtekening onder het contract zet, belooft hij dat.
Samen
op school:
Een blinde heeft een hond aangevraagd, mensen van de
school kiezen een hond die klaar is met zijn opleiding. Als ze een hond hebben
gevonden die goed bij de blinde past, moeten ze elkaar eerst goed leren kennen.
Ze komen logeren op de blindengeleideschool in Amstelveen. De
hond en zijn baas zijn dag en nacht bij elkaar, zo leren ze elkaar vlug kennen.
Overdag gaan ze samen met de instructeur oefenen. De beugel aan doen, het
verzorgen van de hond,leren om voer te geven, elke dag borstelen enz. Dan is het
tijd om naar het oefenterrein te gaan, achter de school. De baas moet alle
commando’s leren, zeggen wat de hond wel en niet moet doen.'s Avonds moet de
baas naar school. Daar praten ze met andere mensen, die daar ook zijn om te
leren werken met hun hond. Er is ook les deze gaat over honden en hun
verzorging. Drie weken later gaat de baas en de hond naar huis, de instructeur
gaat ook mee. Samen gaan ze routes lopen. Als dit allemaal goed gaat kunnen ze
zonder de hulp van de instructeur. Nu is het zover dat de baas alleen blijft
samen met zijn hond en moeten ze het samen redden.
Vragen:
1.
Welke hondenrassen worden er gebruikt als geleidehond???
2.
Moet een blinde betalen voor een blindengeleidehond??
De
beugel hondenmand voerbak zijn ook gratis van het kngf.
3.
Wat betekent KNGF??
Antw:
koninklijke nederlandse geleidehonden fonds.
4.
Wat is een blindengeleidehond??
Antw:een hond die een blinde geleidt,zodat de blinde de weg weet zonder daarbij ergens tegen aan te lopen.
5.
Wat is een instructeur:
Antw: iemand die de hond van alles leert
6.
Welke commando’s kunnen gegeven worden
Antw: vooraan, links,
rechts, zoek zebra en zoek plaats

Dit
was mijn spreekbeurt
Marlon
Hansen
Wil je meer informatie over Geleidehonden?? Kijk dan bij GOOGLE.