AustraliŽ

werkstuk gemaakt door Dick  

 1:Inhoud:

1.    Waarom is AustraliŽ speciaal?

2.    Geschiedenis

3.    Klimaat

4.    Dieren

5.    Planten

6.    Landschap

7.    Topografie van AustraliŽ

8.    Wonen in AustraliŽ

9.    Economie  

 Waarom is AustraliŽ speciaal?  

AustraliŽ is speciaal omdat het continent pas heel laat werd ontdekt. Daardoor hadden mensen die daar wonen zich aan de natuur aan kunnen passen. Ze hadden daarom andere gewoontes dan mensen in Europa, AziŽ, Afrika en Amerika, bijvoorbeeld het jagen met een boemerang. De Australische dieren en planten zijn daarom ook heel anders dan de andere dieren en planten. Toen de eerste mensen met schepen naar AustraliŽ kwamen, waren er daarom dingen die de mensen nog nooit hadden gezien. De outback ligt in het midden van AustraliŽ, en is ťťn van de droogste gebieden ter wereld. In de hele Outback is er maar ťťn gewone stad, Alice Springs. Het wonen in de outback is daarom ook heel moeilijk. In de Outback zijn veel rare rotsen en bergen, zoals Ayers Rock, Mount Olgas en Wave Rock. Het Grote BarriŤre Rif ligt ten oosten van AustraliŽ, en is het grootste koraalrif ter wereld. Veel duikers willen daar daarom duiken. Koraal is voor de zee en voor de vissen heel belangrijk. AustraliŽ ligt voor Nederland precies aan de andere kant van de wereld. Voor andere landen is het ook ver reizen om naar AustraliŽ te komen. AustraliŽ is wel een mooi land om op vakantie te gaan, en er zijn goede reisorganisaties om je er een onvergetelijke vakantie te bezorgen. Maar........... het duurt lang om er te komen. AustraliŽ heeft veel belangrijke delfstoffen in de grond zitten die belangrijk zijn voor de economie. AustraliŽ verdient veel geld met deze delfstoffen.  

Het Opera House in Sydney is een heel mooi operagebouw in AustraliŽ. Het gebouw bestaat uit ongeveer tien halve bollen. Die halve bollen bestaan uit kleine tegeltjes. Het operagebouw staat op een stukje land dat uitsteekt over het water, en daarom valt het gebouw heel erg op.


2. Geschiedenis  

In de laatste ijstijd, ongeveer 50.000  jaar geleden, kwamen de eerste mensen in AustraliŽ. Deze mensen noemen we Aboriginals. Omdat veel water rond de polen bevroren was, en daardoor de zeespiegel omlaag ging, kwamen er een soort Ďbruggení naar IndonesiŽ en AustraliŽ. Alle mensen en dieren konden toen dus gewoon naar AustraliŽ lopen. Ongeveer 10.000 jaar geleden werd het warmer, en het ijs smolt. Daardoor verdwenen ook die bruggen. Daardoor konden de Aboriginals niet meer terug naar het vaste land, en maakte ze een hele eigen stijl van leven. De Aboriginals leerden net als op het vaste land welke planten ze konden eten, en hoe ze wapens konden maken. Een heel beroemd wapen uit die tijd is de boemerang. Ook splitsten alle Aboriginals zich op in stammen, die allemaal een andere taal en geloof hadden.

Ongeveer 150 n. Chr. schreef de Griek Ptolemaeus het boek ĎGeographiaí, waarin hij vertelde over ĎTerra Australisí, dat onder Azie en Europa lag, om de wereld in evenwicht te houden. ĎTerra Australisí is Latijns voor ĎZuidlandí.

Veel mensen wilden dat land zien, en daarom vertrokken veel schepen om dat land te zoeken. In 1606 kwam het schip Ďde Duyfkení van Willem Jansz aan bij de noordkust van dat land. In 1616 bereikte Ďde Eendrachtí van Dirk Hartog het westen. Die twee Nederlanders noemden dat land Nieuw Holland.

Anthony van Diemen, de leider van de VOC,  stuurde een groepje mensen naar Nieuw Holland, om dat land te verkennen. De leider van die groep was Abel Tasman. De groep ontdekte dat er weinig bijzonders was, en daarom verloor iedereen zijn interesse.

Daarna werd de groep nog een keer gestuurd om het oosten te verkennen, maar ze dreven teveel naar het zuiden. Ze kwamen daar bij een nieuw eiland, dat nu Tasmanie is. Abel Tasman noemde dat eiland naar zijn baas: Ďvan Diemenslandí. Toen ze verder vaarden kwamen ze bij nůg een nieuw land. Dat noemde ze Nieuw Zeeland.  

In 1768 stuurde de Britse Admiraliteit het schip ĎEndeavourí naar Nieuw Holland, met James Cook als kapitein. Ze vaarden eerst langs Nieuw Zeeland, en daar maakten ze een kaart van de kust. Via Nieuw Holland wilden ze naar huis gaan. Daar kwamen ze aan in een baai die nu ĎBotany Bayí heet. Daarna kwamen ze bij de kaap die nu ĎKaap Yorkí heet. Daar zette ze een Britse vlag neer, en eiste dat gebied op. Ze noemde het Nieuw Zuid Wales.  

In Engeland waren veel gevangenen. De meeste werden verbannen naar Amerika, maar toen de VS zelfstandig werd kon dat niet meer. Daarom stuurde ze de gevangenen naar AustraliŽ. Omdat Engeland Botany Bay het beste kende, moesten de gevangenen daar naartoe. Het schip waarmee ze gingen heette ĎCharlotteí, en Arthur Phillip was kapitein. De reis begon in Portsmouth.

Deze reis stond al heel snel bekend als Ďde Eerste Vlootí, die drie tussenstoppen maakte. …ťn in Canarische Eilanden, ťťn in BraziliŽ en ťťn in Zuid-Afrika. Toen ze aankwamen bij Botany Bay zagen ze dat het land daar heel slecht was, dus ze vaarden iets verder naar het noorden. De plaats waar ze aan land gingen, noemde Phillip ĎSydneyí, vernoemd naar de minister van binnenlandse zaken. Op die plaats werd ook een Engelse vlag neergezet. Die dag, 26 Januari 1788, wordt door de AustraliŽrs ieder jaar herdacht als ĎAustralia Dayí. De dagen daarna moesten de gevangenen huizen, hutten en andere gebouwen bouwen. Zo werd een hele nieuwe stad gemaakt. De gevangenen moesten ook het land verkennen, en die in kaart brengen.                                                                                         

De Ďvlootí had veel last van de Aboriginals die op die plaatsen woonde. Eerst probeerde ze vriendschap te sluiten door met elkaar te ruilen en elkaar te helpen, maar toch kwam er ruzie omdat ze ook wapens en gereedschap van elkaar stalen. Meestal wonnen de Engelsen, en ze namen steeds meer land van de Aboriginals in.  

In 1810 werd Lachlan Macquarie Gouverneur van Nieuw Zuid Wales. Eerst werkte hij in het leger. Hij zorgde voor veel verbetering in Nieuw Zuid Wales. Eerst was Sydney een vieze en arme stad, en Macquarie zorgde ervoor dat het een behoorlijke stad werd. Hij had ook een goede architect in dienst, dus de stad werd ook Ďmooierí. Hij behandelde de Aboriginals ook met respect, maar toch wou hij boeren van ze maken. Hij zorgde ook voor betere wegen. Toen een rechter daar voor controle kwam kijken, vond hij dat Macquarie de gevangenen teveel vrijheid gaf, en te goed omging met de Aboriginals, en daarom mocht hij geen gouverneur meer zijn.  

Niet alleen de gevangenen gingen naar AustraliŽ, maar ook mensen die daar rijk hoopten te worden. Deze mensen noemden ze Ďvrije kolonistení. Rond 1828 waren er nog maar 5000 vrije kolonisten, maar toen Engeland vol werd, en er veel oogsten mislukten, wilden veel mensen naar AustraliŽ. Eerst konden de vrije kolonisten gratis een stuk land krijgen, maar later werd land alleen verkocht omdat er geldproblemen waren.

In 1850 woonden er al ongeveer 187.000 vrije kolonisten op AustraliŽ. Er werden ook nieuwe steden gebouwd, en mensen gingen ook buiten Nieuw Zuid Wales wonen.

Vanaf 1840 hoefden de gevangenen langzaam aan steeds minder te werken, en ze kregen meer vrije tijd. De Chinezen kwamen om een deel van het werk van de gevangenen te doen.  

In 1855 werd van Diemensland ĎTasmanieí, genoemd naar Abel Tasman, die het eiland ontdekte. De Ďkoloniesí op AustraliŽ zelf veranderden ook. Eerst was alleen Nieuw Zuid Wales in het oosten er, maar in 1829 ook ĎWest-AustraliŽí in het westen. In 1836 kwam Ďzuid-AustraliŽí op een plaats waar eerst het zuidwesten van Nieuw Zuid Wales was. In 1850 kwam ĎVictoriaí op de plaats van het zuiden van Nieuw Zuid Wales, ten oosten van ĎZuid-AustraliŽí. Na 1859 werd ĎZuid-AustraliŽí groter: het bedekte het hele zuidwesten van Nieuw Zuid Wales. Ongeveer diezelfde tijd kwam ĎQueenslandí op het noordoosten. Zo werd Nieuw Zuid Wales in twee gedeelteís gesplitst: een gedeelte in het noorden en een gedeelte in het oosten. Na 1911 werd dat noordelijke deel van Nieuw Zuid Wales ĎNorthern Territoryí. Nieuw Zuid Wales werd dus steeds kleiner.  

Tijdens de Ďgoudkoortsí van 1849 in CaliforniŽ was de AustraliŽr Edward Hammond daar ook op zoek naar goud. Toen de goudkoorts afgelopen was ging hij weer terug naar huis. Daar zag hij dat de rotsen in AustraliŽ leken op de rotsen in CaliforniŽ, dus hij begon te hakken. Ongeveer 2 jaar later vonden hij en nog 3 andere mannen edelmetaal. Daardoor kwamen mensen uit de hele wereld naar AustraliŽ om naar goud te zoeken.  

Omdat er steeds beter vervoer naar AustraliŽ is, en AustraliŽ meer contact heeft met de rest van de wereld, heeft AustraliŽ tegenwoordig dezelfde Ďluxeí als alle andere rijke landen. Met internet en telefoon wordt het ook steeds makkelijker om met AustraliŽ te praten.  

Omdat de kolonisten meestal Britten waren, bleven sporten zoals roeien, cricket, rugby en paardenrennen al vanaf het begin populair. Later werd ook zwemmen heel populair.


3:Klimaat  

Omdat AustraliŽ aan de andere kant van de wereld ligt, is het als het bij ons winter is, in AustraliŽ zomer en andersom. Januari is daar de warmste maand, en juli de koudste.  

Omdat het noordelijkste gedeelte van AustraliŽ heel dicht bij de evenaar ligt, is het klimaat daar tropisch. Daarom wordt het Ďtropisch AustraliŽí genoemd. In dat gebied is weinig verschil tussen de seizoenen. De zomers zijn heet en nat, en in de winters wordt het nooit koud. Daar zijn ook veel wervelwinden, gemiddeld wel 5 keer per jaar! De natste plek in AustraliŽ is Mount Bellender Ker, in het Bellender Ker National park. In 1997 viel daar wel 11.250 mm regen.  

Aan de oostkust is een subtropisch klimaat. In januari komt de wind uit het oosten, en daarom regent het daar dan veel. 

Het binnenland van AustraliŽ wordt vaak Ďoutbackí genoemd. Dat gebied neemt 70 % van AustraliŽ in. In de Ďoutbackí is een woestijnklimaat, dus er valt weinig regen. Het gebied rond Lake Eyre is het droogste gebied van heel AustraliŽ. Het ligt midden in de woestijn. Lake Eyre ligt ongeveer 16 meter onder de zeespiegel, en dat is het laagste punt in AustraliŽ. ĎLakeí is Engels voor meer, maar in dat meer is geen water, alleen maar zout.

De hoogste temperatuur die is gemeten in AustraliŽ was 53.1˚ C. Dat was in 1880 in Cloncurry.  

Het gebied rond Perth, in het zuidoosten van AustraliŽ is het enige gebied aan de oostkust van AustraliŽ dat subtropisch is.  

In AustraliŽ zijn vaak bosbranden. Dat komt omdat het er zo veel droogte, warmte en wind is.  

Omdat AustraliŽ heel groot is, is er veel verschil tussen de klimaten in de verschillende gebieden:  

Plaats/gebied

Gemiddelde temperatuur in Januari

Gemiddelde temperatuur in Juli

Gemiddelde neerslag per jaar

Tropisch AustraliŽ (noordkust)

32˚ C

23˚ C

1470 mm

Sydney (oostkust)

21,5˚ C

13,5˚ C

1000-2000 mm

Perth (westkust)

23˚ C

13˚ C

500 mm

Adelaide (zuidkust)

22.5˚ C

12˚ C

0-250 mm

Brisbane

29.4˚ C

20.4˚ C

1000-2000 mm

TasmaniŽ

17˚ C

8˚ C

760 mm

Binnenland (Outback)

 

 

200 mm

Lake Eyre

 

 

100 - 150 mm

 


4. Dieren  

Toen de wereld ontstond, was er maar ťťn groot stuk land. Later splitste dat stuk land zich op in verschillende gebieden. Eerst konden alle dieren dus makkelijk van AustraliŽ naar een ander stuk land lopen. Toen AustraliŽ een eiland werd, ontwikkelde de Australische dieren zich anders dan de andere dieren in andere werelddelen. Toen er tijdens de laatste ijstijd Ďbruggení naar AustraliŽ waren, konden de mensen en dieren ook gewoon naar AustraliŽ lopen. Die dieren hebben zich net als mensen aangepast aan AustraliŽ.  

Zoogdieren

Er bestaan 3 verschillende soorten zoogdieren: normale, buideldieren en eierleggende zoogdieren. AustraliŽ is het enige land waarin alle drie die soorten leven.

Normale zoogdieren zijn de zoogdieren zoals we ze hier in Europa kennen.

Buideldieren zijn ook zoogdieren. Omdat de jongen bij de geboorte nog niet helemaal ontwikkeld zijn, gebruiken de moeders hun buidel om hun jongen in te houden en eten te geven totdat de jongen groot genoeg zijn om zelf te lopen. De jongen zogen eigenlijk in die buidel. Er bestaan 16 familieís buideldieren, en 13 daarvan leven alleen in AustraliŽ.

Eierleggende zoogdieren leggen net als vogels eieren, maar nadat een jong uit het ei is gekomen zoogt de moeder dat jong ook nog een tijdje. AustraliŽ is het enige land waar eierleggende zoogdieren leven.  

Normale zoogdieren

De enige normale zoogdieren die oorspronkelijk in AustraliŽ leven, zijn dingoís, vleermuizen en ratten. Dingoís zijn een soort honden die niet blaffen, maar wel huilen. De vleermuizen en ratten zijn bijna hetzelfde als in Europa.

Toen de mensen met boten konijnen naar AustraliŽ brachten, kwamen er plagen van die konijnen omdat ze zich zo snel voortplantte.

De mensen namen ook schapen mee, en die zijn nu heel belangrijk in AustraliŽ.  

Buideldieren

AustraliŽ is bekend om de kangaroeís. Kangaroe betekent Ďik weet het nietí in de taal van de Aboriginals. Wallabieís, wallaroeís, pademelons, reuzekangaroeís, rottnests, quokkaís en ratkangaroeís zijn familie van de kangaroe.  

De koala is ook een bekend buideldier. Vaak wordt hij koalabeer genoemd, maar de koala is geen familie van de beer. Koalaís eten alleen bladeren van de eucalyptusboom. In die bladeren zit zoveel water dat de koalaís niet meer hoeven te drinken. ĎKoalaí betekent Ďdier dat niet drinktí in de taal van de Aboriginals.

Buidelratten zien er uit als grote eekhoorns. Sommige soorten hebben een extra Ďvlieghuidí tussen hun poten, zodat ze van boom naar boom kunnen zweven. Die soorten worden ook vaak Ďvliegende eekhoornsí genoemd.

De numbat is een buideldier, maar hij heeft geen buidel. De jongen klemmen zich vast aan de moeder. Deze dieren eten termieten.  

Eierleggende zoogdieren

 Het vogelbekdier is een heel raar dier, want het is een eierleggend zoogdier, hij heeft de snavel en poten van een eend en de staart van een bever. Het is een schuw dier. Hij leeft in TasmaniŽ en het oosten van AustraliŽ.

De mierenegel wordt ook vaak echidna genoemd. Hij eet termieten en mieren. Hij leeft in heel AustraliŽ.  

Reptielen en amfibieŽn

In AustraliŽ leven bijna 400 verschillende soorten reptielen.

Er leven ongeveer 200 soorten hagedissen. De reuzenvaraan en de perentiehagedis worden soms wel 2 meter lang. De bergduivel en de kraaghagedis zijn ook bekende hagedissen in AustraliŽ.

Er leven meer dan 100 soorten slangen in AustraliŽ. De meeste zijn ongevaarlijk. De bruine slang, de doodsadder, de taipan en de tijgerslang zijn giftig. Pythons zijn wurgslangen. Dat betekent dat ze om hun prooi heen kruipen, zodat hun prooi geen adem meer kan halen.

Er leven twee soorten krokodillen in AustraliŽ, de riviermondkrokodil en de johnstonkrokodil. De riviermondkrokodil leeft in zout water, en wordt soms wel 7 meter lang. De johnstonkrokodil leeft in zoet water, en wordt soms wel 4 meter lang.

In de hele wereld leven 7 soorten waterschildpadden, en 6 daarvan leven in AustraliŽ. De bekendste zijn de dikkopschildpad en de groene schildpad.  

De enige amfibieŽn die in AustraliŽ leven zijn kikkers en padden. De miniatuurkikker is een maagbroeder. Dat betekent dat de vrouwtjes haar jongen in haar maag verzorgen.

Insecten en spinnen

Er leven ongeveer 55.000 soorten insecten in AustraliŽ. Daarvan zijn bijna 20.000 gewone kevers.

De reuzenaardworm kan wel 3 meter lang worden. In het noorden van AustraliŽ leven veel termieten, die termietennesten van wel een paar meter hoog kunnen maken.

Er zijn ook veel vliegen, muggen en sprinkhanen.

Er leven ook veel spinnen, zoals de kruisspin. Veel spinnen zijn giftig.  

Vogels

In AustraliŽ leven ongeveer 650 soorten vogels. Daarvan zijn 55 soorten papegaaien.

De emoe lijkt op de struisvogel. Net als de struisvogel kan hij niet vliegen, maar wel heel hard rennen.

De kasuaris is familie van de emoe. Als hij bedreigd word springt hij omhoog, en trapt hij met zijn benen.

De liervogel kan ook niet vliegen. Hij heeft hele mooie staartveren.

Omdat AustraliŽ in het zuiden van de wereld is, leven er ook pinguÔns. De Fairy PinguÔn is de kleinste pinguÔn soort ter wereld. Hij leeft op eilanden in het zuiden van AustraliŽ.

Bij de prieelvogels bouwen de mannetjes een soort prieeltje om vrouwtjes te lokken. Dat prieeltje versieren ze met rommel die ze kunnen vinden, bijvoorbeeld stukjes glas of plastic. Dat prieeltje gebruiken ze niet als nestje voor hun eieren.

Thermometervogels begraven hun eieren onder een hoop zand. Door de laag dikker of dunner te maken zorgen ze dat de temperatuur altijd hetzelfde is.

Er leven ook paradijsvogels, parkieten, kaketoes, loriís, ijsvogels, zwanen, duiven, reigers, kraaien, eksters, ganzen, lepelaars, ibissen, lotusvogels, albatrossen, pelikanen, meeuwen, stormvogels, eenden, en sternen. De roofvogels zijn wouwen, haviken, adelaars, arenden en valken. 

Zeedieren

In AustraliŽ leven ongeveer 20 soorten haaien. De witte haai en de tijgerhaai zijn gevaarlijk voor mensen. De walvishaai is de grootste vis ter wereld.

De blauwgeringde achtarm is een octopussensoort. Hij kan gevaarlijk voor mensen zijn.

De kobuskwal en het Portugees oorlogsschip zijn kwallensoorten. Ze zijn ook gevaarlijk voor mensen.

Egelvissen zijn ook gevaarlijk voor mensen. Ze kunnen zichzelf opblazen en zo hun stekels uitsteken.

Steenvissen lijken op stenen, maar het zijn vissen. Ze zijn giftig, en daarom ook gevaarlijk voor mensen.

Roggen zijn platte vissen. Ze hebben aan de zijkanten een soort vleugels, waarmee ze door het water Ďvliegení.

Er leven ook veel zeesterren. De bekendste is de doornenkroon.

Zwaardvissen zijn vissen met een lange neus, die lijkt op een zwaard.

De anthais is een gewone vis, maar het lijkt net of hij licht geeft.

De snapper wordt het meeste gevangen in AustraliŽ.

Er leven ook anemoonvissen, lipvissen en longvissen.  


5. Planten  

In AustraliŽ leven ongeveer 25.000 verschillende soorten planten. De meeste planten leven in de tropische en de subtropische gebieden, in het westen, in het zuidoosten en in TasmaniŽ. In het midden van AustraliŽ, de Ďoutbackí, groeit meestal alleen spinifex, een soort gras met witte uiteinden. Alleen als het heel veel heeft geregend komen er even een heleboel bloemen, zoals de Sturtís desert pea. In de duinwoestijnen leven alleen egelgras en zoutkruiden.

De eucalyptusboom leeft in gebieden waar meer regen valt en is heel belangrijk voor de koalaís. Er zijn ongeveer 700 soorten van die boom op de wereld, en 665 daarvan leven in AustraliŽ. De eucalyptusbomen zijn belangrijk voor de eucalyptusolie.

In AustraliŽ leven ongeveer 700 soorten acaciaís.

De banksia is een hele rare plant, want alleen bij de temperatuur van bosbranden kunnen de zaden uit de omhulsels springen. Banksiaís zijn struiken of bomen, die in de herfst hun bladeren niet verliezen.

Grass treeís zijn bomen die overal in AustraliŽ voorkomen. De stam is dik en zwart, en hij wordt ongeveer 6 meter lang. ĎGrass treeí betekent Ďgras boomí. De boom heet zo omdat de bladeren op grassprieten lijken.


6. Landschap

AustraliŽ heeft een oppervlakte van 7.682.300 km2. Dat is 240 keer zo groot als Nederland. AustraliŽ is ongeveer 4000 km breed, en ongeveer 3200 km lang. De kustlijn is meer dan 36.000 km lang. Het noordelijkste punt is Kaap York en het zuidelijkste punt is Zuid oost Kaap.  

De Great Dividing Range, in het oosten van AustraliŽ, is een belangrijke bergketen voor AustraliŽ. Aan de oostkant loopt hij stijl af, en het stukje daar langs de kust is vruchtbaar land. Daarom zijn daar veel steden. Aan de westkant van de Great Dividing Range is de outback, en daar zijn alleen maar lege vlaktes. De hoogste berg van AustraliŽ is Mount Kosciusko, in de Great Dividing Range. Hij is 2230 meter hoog.  

Het noorden van het gebied in het oosten van de Great Dividing Range is subtropisch of subtropisch, dus er groeien veel planten, struiken en bomen. Op de rest van de oostkust is staan veel gebouwen.  

Meer dan de helft van AustraliŽ is de outback. In de outback is het erg droog, en er zijn veel lege vlaktes. Daarom wonen er weinig mensen. Lake Eyre is grootste meer in de outback. Het ligt 12 meter onder de zeespiegel, en is het laagste punt in AustraliŽ. Het wordt vaak een zoutpan genoemd omdat het een grote kuil met zout is. Het gebied rond Lake Eyre is een van de droogste gebieden op de wereld. In de outback zijn ook veel woestijnen, zoals de Simpson Desert.  

  In de outback zijn veel rare bergen. Ayers Rock en Mount Olgas zijn eilandbergen. Dat is een grote berg met een platte bovenkant die uitsteekt op een vlak gebied. Ayers Rock is 3.5 Kilometer lang, 348 meter hoog en heeft een omtrek van ongeveer 10 kilometer.

De Wave Rock is een bergje in de vorm van een golf. Hij is ongeveer 15 meter hoog en meer dan 100 meter lang.  

Het Grote BarriŤre Rif is het grootste koraalrif ter wereld en ook het grootste ding dat door dieren is gebouwd. Het is in het noordoosten van AustraliŽ. Koraal is een soort steen dat door een koraaldiertje is gemaakt. Het koraaldiertje klemt zich vast aan een rots, en laat zich daar verder groeien naar koraal. In het Grote BarriŤre Rif leven meer dan 400 verschillende soorten koraal, en het is groter dan heel Nederland. Vanaf de maan kan je het Grote BarriŤre Rif zien. Het rif is 2000 kilometer lang. In het oosten liggen ook een heleboel andere koraalriffen.

Er bestaan maar twee stranden op de wereld met alleen schelpen die geen fossielen zijn, en daar is Shell Beach er ťťn van. Het strand ligt in Shark Bay, in het westen van AustraliŽ. De laag schelpen is soms meer dan 10 meter, en het strand is meer dan 110 kilometer lang.

 


 7. Topografie van AustraliŽ  

AustraliŽ is ingedeeld in zes Ďdeelstatení: Nieuw Zuid Wales, West AustraliŽ, Noordelijk Territorium, Queensland en Victoria. Tasmanie en een paar eilandjes rond AustraliŽ horen ook bij AustraliŽ. De hoofdstad van AustraliŽ is Canberra. Sydney, Melbourne, Brisbane, Adelaide, Perth en Hobart zijn ook belangrijke steden.

AustraliŽ heeft twee belangrijke schiereilanden, Arnhemland en Kaap York Schiereiland. Ze zijn allebei in het noorden.  

Ten westen en oosten van AustraliŽ is de Indische Oceaan. Ten noorden zijn de Timorzee en de Arafurazee.

Tussen Arnhemland en Kaap York Schiereiland is de Golf van Carpentaria. Ten noordwesten van AustraliŽ is de Koraalzee, en ten zuidwesten is de Tasmanzee. Tussen AustraliŽ en TasmaniŽ is de Straat Bass.  

De Darling is de enige rivier in AustraliŽ waar altijd water in zit, en daarom is het een belangrijke rivier. De Murray is ook een belangrijke rivier want hij stroomt door New South Wales en Victoria.  

De Great Dividing Range is de langste bergketen van AustraliŽ. De MacDonnel Ranges en het Kimberly Plateau zijn ook grote bergketens.  

AustraliŽ ligt ten zuiden van IndonesiŽ en Papua Nieuw Guinea. De helft van AustraliŽ steekt boven de steenbokskering uit.AustraliŽ is het enige bewoonde werelddeel dat helemaal op het zuidelijk halfrond van de wereld ligt. Antartica ligt ook helemaal op de zuidelijke helft, maar is niet bewoond. Zuid-Amerika, Afrika en AziŽ hebben wel stukken onder de evenaar, maar liggen niet helemaal onder de evenaar. AustraliŽ is ook het kleinste werelddeel.


8. Wonen in AustraliŽ  

85 % van de AustraliŽrs woont in de steden in het oosten, zuidoosten en zuidwesten. De rest van AustraliŽ is heel droog, en daarom willen er weinig mensen wonen.  

In de steden in het oosten, zuidoosten en zuidwesten van AustraliŽ leven de mensen net zoals in alle andere rijke landen. De boeren leven ook net als de andere boeren in rijke landen.  

De boeren in de Ďoutbackí wonen soms meer dan 100 km weg van de dichtstbijzijnde stad, en daarom is het moeilijk voor dokters om daar mensen te helpen. De mensen die daar wonen gebruiken meestal een radio als telefoon. Iedere boerderij heeft ook een eigen EHBO kist waar medicijnen en andere belangrijke verzorgingsmiddelen inzitten. De dokter kan zijn patiŽnt of familie van zijn patiŽnt vertellen wat hij moet gebruiken, en hoe hij het moet gebruiken. Om dat makkelijker te maken hebben alle dingen uit die doos een eigen nummertje. Als de patiŽnt daarmee niet geholpen kan worden, komt er een vliegende dokter langs. Die Ďvliegende doktersí komen met een klein vliegtuigje. Dat vliegtuigje is eigenlijk een soort ambulance.

Omdat de boeren in de outback zover uit elkaar wonen, is het ook moeilijk om onderwijs te geven. Sommige kinderen krijgen les op een kostschool, en dan zijn de kinderen dus bijna nooit thuis. De meeste kinderen krijgen les via een radio. De laatste tijd wordt dat ook veel gedaan per televisie. Veel kinderen hadden voordat de televisie er was hun leraar nog nooit echt gezien! In de toekomst wil AustraliŽ dat er les wordt gegeven op internet en e-mail.

Post bezorgen is ook heel moeilijk in de outback. Daarom doen ze dit vaak met vliegtuigen. Vaak wordt het huiswerk van kinderen ook als post naar de kinderen gestuurd.  

De aboriginals zijn de oorspronkelijke bewoners van AustraliŽ. Vroeger woonden de aboriginals door heel AustraliŽ, maar later hebben de Britten hun stukken land ingepikt. Nu wonen de aboriginals in reservaten of in gewone steden. De aboriginals die in de steden wonen leven net als alle andere mensen die in de steden wonen. De aboriginals die in de reservaten wonen leven meestal nog hetzelfde als vroeger. De mannen gaan dan jagen, en de vrouwen en kinderen zoeken vruchten en noten. De mannen gebruiken vaak een boemerang om mee te jagen. De aboriginals hadden ook zelf een eigen muziekinstrument gemaakt, en ze noemen het de Ďdidgeridooí. Een didgeridoo is een lange houten pijp, waar je door te blazen er geluid uit krijgt. Omdat er een leerplicht is voor kinderen tussen de 6 en de 15 jaar moeten ook de aboriginal-kinderen naar school, en dat vinden de volwassen aboriginals die in de reservaten wonen meestal niet leuk.

 


9. Economie  

AustraliŽ heeft net als alle andere rijke landen een goede economie. Gemiddeld verdient een AustraliŽr 23200 Australische Dollar per jaar. Ongeveer 4 % van de AustraliŽrs werkt in de landbouw of visserij, ongeveer 33 % in de industrie en ongeveer 63 % in de diensten.  

Bij de veeteelt zijn de schapen en runderen heel belangrijk, omdat die ook in de droge gebieden van de outback kunnen leven. In AustraliŽ leven ongeveer 139 miljoen schapen en 22 miljoen runderen.

Voor de akkerbouw kunnen alleen de vruchtbare stukken grond gebruikt worden, en daarom worden er veel stukken outback met water vruchtbaar gemaakt. Toch kunnen boeren maar op nog minder dan 10 % van heel AustraliŽ akkers verbouwen. De visserij in AustraliŽ is handig omdat AustraliŽ een eiland is.  

De industrie en de diensten van AustraliŽ zijn bijna hetzelfde als die van andere rijke landen. De metaalindustrie, de aardolie-industrie en de chemische industrie zijn de belangrijkste soorten industrie in AustraliŽ.  

In de grond van AustraliŽ zitten een heleboel delfstoffen. In de Australische grond zit ongeveer 20 % van alle Bauxiet van de wereld, ongeveer 12 % van alle ijzererts in de wereld, ongeveer 10 % van al het uranium van de wereld, ongeveer 7 % van al de steenkool in de wereld, ongeveer 1 % al het aardgas in de wereld en ongeveer 0,3 % van al de aardolie in de wereld. AustraliŽ heeft ook een heleboel goud, zilver, lood, zink, koper, mangaan, titaanertsen, nikkel, wolfram, fosfaten, bruinkool, asbest, opaal, zirkoon, en aluminium. Omdat er zoveel kostbare delfstoffen in de grond zitten, is er veel mijnbouw in AustraliŽ.  

In AustraliŽ wordt de ongeveer 90 % van de energie opgewekt uit steenkool, aardolie of aardgas in thermische centrales. Ongeveer 8,4 % van de energie wordt opgewekt uit waterkrachtcentrales. De grootste waterkrachtcentrale staat in de Snowy Mountains, in Nieuw Zuid Wales. Ongeveer 1,6 % van de energie wordt opgewekt door bruinkoolcentrales en het verbranden van afval.

 

AustraliŽ heeft de meeste handel met Japan, China, de VS, Nieuw Zeeland en de landen van de Europese Gemeenschap. AustraliŽ verkoopt vooral wol, vlees en delfstoffen. AustraliŽ koopt vooral machines, computers, vervoersmiddelen en communicatie middelen.

Omdat de steden in AustraliŽ ver uit elkaar liggen, is er veel vervoer nodig. De totale lengte van alle wegen in AustraliŽ is meer dan 913.000 km en de totale lengte van alle rails in AustraliŽ is meer dan 40.000 km.

De luchtvaart is heel belangrijk om op afgelegen plaatsen te komen, en het is handig om snel naar de andere kant van AustraliŽ te komen. AustraliŽ heeft meer dan 441 vliegvelden. De belangrijkste luchtvaartmaatschappij is Qantas Empire Airwais Ltd., en er zijn nog 10 andere minder belangrijke.  

AustraliŽ is een leuk land voor toeristen, maar het is moeilijk om er te komen. De toeristen komen meestal met een vliegtuig.

De meeste toeristen gaan kijken bij Alice Springs, Ayers Rock, Mount Olgas en Wave Rock in de outback. Ook veel toeristen willen de lange stranden van Sydney zien. Er zijn ook veel dierenreservaten waar toeristen graag kijken. Veel duikers gaan naar AustraliŽ om het Great Barrier Rif te zien.  

In AustraliŽ betalen ze met de Australische dollar. Net als de Euro is een Australische dollar evenveel als 100 cent. AustraliŽ heeft 6 verschillende munten en 5 verschillende biljetten.

Op de voorkant van alle Australische munten staat koningin Elizabeth II.

…ťn Australische dollar is iets meer dan een halve Euro waard.

Op de achterkant van de munt van twee dollar staat een aboriginal. In de munt zit 92 % koper, 6 % aluminium en 2% nikkel. Hij weegt 6,6 gram en heeft een diameter van 2,05 centimeter.

Op de achterkant van de munt van 1 dollar staan kangaroes. Net als de munt van 2 dollar bestaat hij voor 92 % uit koper, voor 6 % uit aluminium en voor 2 % uit nikkel. Hij weegt 9 gram en heeft een diameter van 2,5 centimeter.

Op de achterkant van de munt van 50 cent staat het wapen van AustraliŽ. De munt van 50 cent is de enige Australische munt die niet rond is, maar 12 hoekig. In de munt zit 75 % koper en 25 % nikkel. Hij weegt 15,55 gram en heeft een diameter van 3,151 centimeter.

Op de achterkant van de munt van 20 cent staat een vogelbekdier. Net als de munt van 50 cent bestaat hij voor 75 % uit koper en voor 25 % uit nikkel. Hij weegt 11,30 gram en heeft een diameter van 2,852 centimeter.  

Op de achterkant van de munt van 10 cent staat een liervogel. Net als de munten van 50 en 20 cent bestaat hij voor 75 % uit koper en voor 25 % uit nikkel. Hij weegt 5,65 gram en heeft een omtrek van 2,36 centimeter.

Op de achterkant van de munt van 5 cent staat een mierenegel. Net als de munten van 50, 20 en 10 cent bestaat hij voor 75 % uit koper en voor 25 % uit nikkel. Hij weegt 2,83 gram en heeft een diameter van 1,941 centimeter.

De munt van 2 Australische dollar is ontworpen door Horst Hahne, en alle andere door Stuart Devlin.

De biljetten zijn er van 5, 10, 20, 50 en 100 Australische dollar. Op alle biljetten staat het hoofd van een belangrijke persoon voor AustraliŽ, zoals een minister.

Terug naar spreekbeurten