


| DE EERSTE BEWONERS VAN NEDERLAND |
|
Door:
Bart van Hal
Groep 8 (11 jaar) |
1.
De oudste vrouw van Nederland
|
1a Trijntje In november 1997 graven mensen bij Hardinxveld-Giessendam in Zuid-Holland een gat van tien meter diep. Ze zoeken naar sporen van mensen die lang geleden in Nederland gewoond hebben. Ze vinden een graf met het skelet van een vrouw die hier ongeveer 7000 jaar geleden geleefd heeft. Nooit werd er in Nederland zo’n skelet gevonden dat nog helemaal heel was. Toen hebben ze de vrouw een bijnaam gegeven: Trijntje.
|
Foto: Trijntje
|
| Omdat ze is
gevonden op een plaats waar de Betuwe-spoorlijn
moet komen hebben ze haar deze naam gegeven. Ze was tussen de
veertig en zestig jaar oud geworden. Tussen 5300 en 4700 voor Christus
leefden op de plaats van de opgraving mensen op de oevers van de Rijn en
|
|
|
1b
Schatkamers Dankzij hun werk weten we hoe de mensen in de prehistorie leefden. Dat is een tijd dat de mensen nog niet konden schrijven. Je kunt er alleen maar meer over te weten komen door dingen die we vinden. |
2.
Jagers en verzamelaars
|
2a
Een woest land vol water Ze leefden van de jacht. Ze zochten voedsel in de natuur zoals wortels, noten, bessen en kruiden. De mensen leefden in kleine groepjes. Als er niet genoeg wild was om op te jagen pakten ze hun spullen en trokken ergens anders heen. Ons land zag er in die tijd heel anders uit. Het meeste land stond toen onder water. Alleen de hogere zandgronden, in wat nu Noord-Brabant, Limburg, Twente en de Achterhoek is, staken boven het water uit. |
|
| foto: vuurstenen/speren | |
|
|
3.
Neanderthalers
| 3a
Ijskoude tijden
Zo’n periode wordt de ijstijd genoemd. In de op een na laatste ijstijd, die ongeveer 120.000 jaar geleden eindigden, werd de noordelijke helft van Nederland bedekt door een dikke laag ijs. De koudste
periode was zo’n 20.000 jaar geleden. Er was hier wel een onbewoonbare
poolvlakte. Toen lagen de temperaturen ver onder de nul graden. De
Neanderthalers zagen er heel anders uit dan ons: Pezen of dunne veters gebruikten ze als draden. De Steentijd begint in Nederland met de tijd waarin de eerste gevonden stenen werktuigen werden gemaakt. De Steentijd duurde tot ongeveer 2.000 voor Christus. De Bronstijd duurde tot ongeveer 800 voor Christus. foto’s: Neanderthaler De laatste periode van de prehistorie is de Ijzertijd. |
4.
Leven op de toendra
4a
Rendierjagers De
laatste ijstijd die geweest is duurde tot 10.000 voor Christus.
Aan het einde van deze periode werd het hier warmer. Omstreeks
14.000 voor Christus kwamen er rendierjagers
naar Nederland. Ze trokken achter rendierkuddes aan, die hier kwamen
toen het warmer werd.
|
|
4b
Nomaden Het kale toendralandschap veranderde in een gebied met bossen, vol berken en dennen. De Rendierjagers volgden
de kudde rendieren. In de bossen leefden oerrunderen, elanden,
edelherten, wilden zwijnen en bruine beren.
fot |
5.
De eerste boeren in Limburg
|
5a
Een vaste woonplaats Het klimaat werd geschikt voor landbouw. Omstreeks 5000 voor Christus vestigden zich voor het eerst boeren in Nederland. Vooral in Zuid-Limburg langs de Maas vonden de boeren vruchtbare grond: löss. Deze was erg geschikt om voedsel op te verbouwen. De boeren kapten open plekken in het bos. Daarop bouwden ze hun boerderijen en legden ze hun akkers aan. De nieuwe bewoners verbouwden graansoorten, zoals tarwe, spelt, gerst en haver. Omdat er meestal voldoende voedsel was groeide de bevolking. Sommige boeren maakten
aardewerk potten. De eerste landbouwers in ons land worden bandkeramiekers genoemd. Ze versierden hun aardewerk met bandvormige motieven. foto’s: bandkeramiek |
| 5b.
Boerderijen Bandkeramiekers leefden in kleine dorpjes van meestal vijf tot zeven boerderijen. Daar woonden in totaal zo’n vijftig mensen in. Het grootste dorp dat gevonden is, lag op de plaats waar nu het dorp Elsloo is. Daar stonden zeventien boerderijen. Het waren grote, rechthoekige, eikenhouten boerderijen met een puntdak. Het leem, een soort klei, werd naast het huis weggegraven. In de kuilen die zo ontstonden werd later het afval ingegooid. Die afvalputten zijn nu de schatkamers voor archeologen. |
6
Hoog en droog
6a
Leven op de zandgronden (foto:trechterbeker)
Omstreeks 3000 voor
Christus vestigden zich boeren op de hogere zandgronden, in wat we nu
Drenthe, Friesland, Groningen, Overijssel en Gelderland noemen. Daar
konden ze wonen, voedsel verbouwen en veehouden zonder last te hebben
van het water dat een groot deel van Nederland bedekte. De boeren
hielden runderen, varkens, geiten en schapen en hadden ook honden. Hun
gereedschappen waren gemaakt van steen, been en hout. Waarom het trechtervolk daar soms hun doden in begroeven, weten we niet. |
| 6b
Hunebedden Het trechtervolk is ook
bekend onder een andere naam: Hunebedhouders. In
Drenthe en in Groningen zijn nog 54 hunebedden bewaard gebleven. |
|
|
|
![]() |
7.
Kustbewoners
| 7a
De Vlaardingencultuur In het westen van Nederland was een smalle kuststrook. Daarachter lag een gebied dat vaak onder water stond. Zand, dat was aangevoerd door rivieren en de wind, had de kust hoger en breder gemaakt. Daardoor werd het gebied erachter beter beschermd tegen de zee. De strandwallen en de oevers van rivieren waren geschikt om op te wonen. Mensen die zich vestigden hadden niet zo veel last van overstromingen. |
|
| 7b
Afval Bij Vlaardingen werd eind jaren vijftig bij graafwerkzaamheden een oude nederzetting gevonden. De mensen van de Vlaardingencultuur woonden in huizen van 10 meter lang en 6 meter breed. De bodem rond Vlaardingen bestaat uit klei en veen. Dat zijn grondsoorten waarin dingen goed bewaard blijven. Bij alle werkzaamheden gebruikten ze bijlen, speren, hamers en beitels van vuurstenen. Er werd bij Vlaardingen ook iets bijzonders gevonden: een doosje van berkenschors. Het doosje was gevuld met scherfjes van een pot. Het doosje werd gevonden vlak bij een berenschedel. |
foto: deel van aardewerken pot gevonden tijdens Vlaardingencultuur
|
8.
Terpen
|
8a
Droge voeten Om toch droog te wonen verhoogden de mensen de hoger gelegen stukken land met afval, mest of grond. Eerst stond elk huis apart op een heuveltje. Het zeewater kwam steeds hoger en de terpen worden dus ook steeds groter en hoger gemaakt. foto: circelvormige terp |
|
8b
Koeien in huis De boerderijen op de
terp lagen in een cirkel. In het midden was een open plek.
Waarschijnlijk was daar de markt waar de boeren hun producten
verkochten. De terpbewoners leefden dan ook vooral van veeteelt. Maar
ook maakten de terpbewoners van de botten dingen om mee te spelen. De Romeinen waren de eersten die schreven over de bewoners van Nederland. Bart |

Voor nog meer leuke spreekbeurten, klik op logo hiernaast.
Zoek je meer informatie over dit onderwerp?? Kijk dan
bij GOOGLE.